United Nations Protection Force (UNPROFOR)

1992-1995

Srebrenica
© Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Joegoslavië was sinds 1945 een federatie van zes deelrepublieken. Van eenheid was geen sprake. Het land was een etnische lappendeken. President Josip Tito was de enige bindende factor.
Burgeroorlog Na Tito’s dood in 1980 zette de desintegratie in. Het einde van de Koude Oorlog versnelde dit proces. Servië bepleitte een Groot-Servië ten koste van niet-Servische groepen. Begin jaren negentig brak een burgeroorlog uit. De United Nations Protection Force werd opgericht in een poging die oorlog in te dammen. UNPROFOR had een militaire, een civiele en een politiecomponent. Het zwaartepunt van de militaire component lag aanvankelijk in Kroatië, maar verschoof medio 1992 naar Bosnië-Herzegovina. Daar woedde de strijd het hevigst en maakten vooral Bosnische Serviërs zich schuldig aan etnische zuiveringen. UNPROFOR kon weinig uitrichten. Wel stelde de VN-Veiligheidsraad safe area’s in voor getroffen bevolkingsgroepen, waaronder Srebrenica. Nederlandse bijdrage De Nederlandse regering zette fors in op UNPROFOR. Een verbindingsbataljon verzorgde de communicatie. Een Nederlands-Belgisch transportbataljon ondersteunde militaire en humanitaire operaties. Lucht- en zeemacht leverden eveneens een belangrijke bijdrage. Gezichtsbepalend was evenwel de inzet van Dutchbat, een versterkt infanteriebataljon dat onder meer Srebrenica moest beschermen. Die operatie eindigde dramatisch toen Bosnisch Servische troepen in juli 1995 deze safe area overliepen en circa 8.000 Bosnische moslims vermoordden.
Duur van de missie
10 maart 1992 – 20 december 1995
Aantal militairen
9.753
Dodelijke slachtoffers
7
missiekaart UNPROFOR